De rechtbank Den Haag heeft op 5 augustus 2026 in kort geding een verbod opgelegd aan Ceban Ziekenhuisfarmacie B.V. op de verkoop van een zelf bereide neusspray met semaglutide. De apotheek uit Breda bracht het middel sinds 2025 op de markt onder de naam Semanova. De voorzieningenrechter oordeelde dat Ceban daarmee inbreuk maakte op het aanvullende beschermingscertificaat (ABC 300936) van Novo Nordisk, dat nog tot 19 maart 2031 loopt. Het onderliggende stofoctrooi op semaglutide (EP 1 863 839) verliep in maart van dit jaar; het ABC blijft daarna van kracht.
De kern van de zaak was de reikwijdte van de zogeheten apothekersvrijstelling in artikel 54c(e) van de Rijksoctrooiwet. Die bepaling, van kracht sinds februari 2019, stelt het bereiden van een geneesmiddel voor direct gebruik in een individueel geval op recept vrij van octrooi-inbreuk. Ceban stelde dat zijn bereidingen daaronder vielen en sprak van kleinschalige bereiding voor maximaal vijftig patiënten per maand. De rechter volgde dat niet. Doorverkoop aan andere apotheken, het aanhouden van voorraad daarvoor en de opname van het product in de G-Standaard vallen volgens het vonnis buiten de vrijstelling. De rechter wees er daarbij op dat Ceban 600 gram semaglutide had geïmporteerd — genoeg voor circa 15.000 flacons — en het product een merknaam had gegeven, wat wijst op structureel en mogelijk grootschalig gebruik.
Het vonnis maakt een expliciet onderscheid tussen de vrijstelling uit de Geneesmiddelenwet en die uit het octrooirecht. De eerste is bedoeld om de beschikbaarheid van noodzakelijke geneesmiddelen voor individuele patiënten te garanderen; de tweede moet volgens de rechter eng worden uitgelegd. Op de zitting kon Ceban de medische noodzaak van juist een neusspray niet onderbouwen: de advocaat noemde patiënten met angst voor injecties, maar ontkende het financiële motief niet.
Ceban moet de distributie van semaglutide-neussprays in Nederland staken, het product verwijderen uit de G-Standaard, uit voorschrijfsystemen en van de eigen website, en al geleverde producten terughalen bij andere apotheken. Binnen vier weken moet het bedrijf bovendien opgeven wie de Chinese leverancier van de grondstof was en aan welke zakelijke afnemers is geleverd. De rechter verbond daaraan dwangsommen tot 500.000 euro en veroordeelde Ceban tot 50.053,77 euro aan proceskosten. Hoger beroep is mogelijk. Los hiervan ligt er sinds februari 2026 een handhavingsverzoek van Novo Nordisk bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd over vermeende overtredingen van de Geneesmiddelenwet; de IGJ heeft de beslistermijn verlengd tot oktober 2026.
Voor Nederlandse gebruikers is de praktische boodschap dat er geen neusspray met semaglutide is geregistreerd — niet door het CBG, niet door de EMA en niet door de Amerikaanse FDA. Semaglutide is in Nederland alleen beschikbaar als Ozempic (injectie, geregistreerd voor diabetes type 2), Wegovy (injectie, geregistreerd voor gewichtsbeheersing) en Rybelsus (tablet, diabetes type 2). Zelf bereide varianten hebben geen registratiedossier doorlopen: er is dus geen door een autoriteit beoordeelde onderbouwing van werkzaamheid, veiligheid, dosering of productiekwaliteit. Wie Semanova via de apotheek kreeg, bespreekt een alternatief met de voorschrijvend arts.
Aan de vergoeding verandert deze uitspraak niets. Ozempic wordt vergoed uit de basisverzekering bij diabetes type 2 conform de NHG-richtlijn, met het eigen risico van 385 euro; Wegovy wordt in principe niet uit het basispakket vergoed en alleen via een strikte uitzonderingsroute met machtiging. Wel raakt de zaak een bredere ontwikkeling: nu het stofoctrooi is verlopen maar het ABC nog jaren doorloopt, blijft de ruimte voor apotheekbereidingen en goedkopere varianten in Nederland voorlopig beperkt.